Foto: Unsplash

Waarom het zo verleidelijk is om afstuderen nog héél even uit te stellen

Na vier jaar hard studeren ben ik helemaal klaar voor de werkende wereld. Dat voel ik aan alles, ik sta te springen om te beginnen. De vakken uit mijn laatste jaar zijn afgesloten en alle studiepunten zijn binnen. Nou ja, bijna dan. Alleen de studiepunten van mijn eindassessment moet ik nog bij elkaar sprokkelen. Maar stiekem vind ik het verleidelijk om daar nog héél even mee te wachten – het afstuderen uit te stellen. Ik geniet op dit moment hard van alles wat niet met afstuderen te maken heeft. Ik wil het woord niet eens horen. Hoe komt dat?

Ik heb wild gedanst op feestjes, ’s ochtends brak in de collegebanken gezeten, heftige huisfeestjes meegemaakt. Ik heb veel te vaak basic pizza de oven in geschoven, en ben ook echt weleens te blut geweest om er een te kopen. At ik noedels. Ik heb bergen was naar mama gebracht – gewoon mee de trein in. En daarover gesproken: ik heb als een malle geprofiteerd van mijn studenten-ov. Heel Nederland afgereisd met dat ding. Alle studentenclichés – of ieder geval de meeste – heb ik waargemaakt. Maar, en daar moet ik eerlijk over zijn: dat was meestal eerder de uitzondering dan de regel. Want over het algemeen was ik een (veel te) brave student met een (veel te) normaal leven. En dat leven was geen eindeloze stapavond, of zo. Ik ging vaak genoeg om tien uur naar bed. En ik zette mijn wekker ’s ochtends regelmatig super vroeg om nog te kunnen leren voor een tentamen. Ik spaarde (of deed een poging tot) in plaats van dat ik geld uitgaf aan een beerpong-set. En zeemde ook weleens mijn ramen op zaterdag – echt waar.

Voor altijd verantwoordelijk

Ik was by far de allerbraafste nerd van mijn vriendengroep én had bovenal iets wat lijkt op verantwoordelijkheidsgevoel. Dat was misschien zelfs wel wat groot. En dat klinkt als ideaal – mijn ouders en docenten zijn daar ongetwijfeld erg blij mee geweest. Maar nu mijn tijd als student er bijna op zit kan ik daar zélf soms best van balen. Dat ik mezelf in de meest onbezorgde tijd van mijn leven al zoveel regeltjes heb opgelegd. En dat mijn verantwoordelijkheidsgevoel zo huge was dat ik dat niet eens even lekker van me af kon zetten. Want nu ik langzaam het werkende leven in rol zie ik dat het dan écht niet meer kan. Dat ik niet zomaar kan zeggen dat ik er even geen zin in heb. Dat ik gewoon een onbezorgd nachtje wil doorhalen met vrienden. Oké, het kán misschien wel, maar het is anders dan wanneer je het zegt als je nog student bent. Afstuderen betekent dat dat studentenleven, waar zo weinig verantwoordelijkheid aan vast zit, écht voorbij is. En daarmee wordt het excuus om verantwoordelijkheden aan je laars te lappen veel slapper. Afstuderen nog even uitstellen is daarom erg verleidelijk.

Vrienden maken? Verleden tijd

Maar er is nog iets. Want ik heb het gevoel dat wanneer je studententijd erop zit, daarmee ook de tijd waarin je de meeste vrienden maakt, voorbij is. Tijdens je studie creëer je zoveel kansen om nieuwe mensen te leren kennen. Van lange buitenlandprojecten tot nieuwe stageplekken, van huisfeesten waar je mee naartoe wordt gesleurd tot een tijdelijke kamer die je onderhuurt in een andere stad. Als je eenmaal aan het werk bent komt dat er toch allemaal niet meer van en zijn dit soort kansen toch een soort verleden tijd. Ook dat is voor mij stiekem best een reden om te denken: laat dat afstuderen nog maar even wachten.

En dan heb ik het nog niet eens gehad over mijn vrije tijd. Zodra ik ben afgestudeerd en definitief ga werken, wordt-ie ineens volledig opgeslurpt. Mijn dagen, weken en maanden gaan voor het grootste gedeelte bestaan uit werken. Je richt je leven erop in. En daarmee zijn de ochtenden waarop je om twaalf uur je bed uit kunt rollen en dan eens bedenkt wat je gaat doen (de hele dag douchen, noedels eten of weer terug je bed in rollen?) voor altijd voorbij. Er moét een moment komen dat ik daar intens naar terug ga verlangen. Dat ik niets wil, behalve dat.

Maar toch…

… ondanks bovenstaande struggles, wil ik nog wel wat zeggen. Want zonder deze alinea is dit artikel niet af. Hoe meer ik erover nadenk, hoe meer ik in zie dat ik er niet aan zou moeten denken om nog boeken vol tentamenstof uit mijn hoofd te moeten stampen. Me op te sluiten in mijn kamer omdat ik daar veel te laat mee ben begonnen. Als gemotiveerde student met überhoog verantwoordelijkheidsgevoel samen te moeten werken met mensen die allesbehalve gemotiveerd zijn – of beter gezegd niet vooruit te branden zijn. In een soort onzekere fase te blijven hangen waarin ik niet weet hoe mijn komende jaren eruit gaan zien (studeer ik wel af, krijg ik wel een baan?). Forever in de stad te blijven wonen waar ik studeer. Nee, ik wil het niet. En hoe meer ik erover nadenk, hoe meer ik inzie dat ik die studententijd misschien dan toch een beetje voorbij ben. Dat ik beter kan doen wat ik echt leuk vind in plaats van me op duffe theorieboeken te storten. Het wordt anders en wennen, maar het leukste gedeelte van mijn leven breekt misschien pas aan ná mijn studie.

Wil je op de hoogte blijven? Volg ons ook op Instagram en Facebook.