Unsplash

Kan een DNA-test je helpen met afvallen en een gezonder leven?

Iedereen is anders, dat weten we. Het is dan ook niet gek dat sommige mensen heel makkelijk gewicht verliezen, en anderen streng een dieet volgen zonder resultaat. Het is vooral lastig om een dieet te vinden dat bij je past én resultaat boekt. Wellicht ligt de sleutel in je DNA. Althans, dat is wat sommige bedrijven je willen laten geloven. Met DNA-dieettesten zou je zo precies weten hoe je moet afvallen en een op maat gemaakt dieet kunnen krijgen. Werkt dat echt zo?

De link tussen je genen en voeding is er zeker ontdekken wetenschappers steeds vaker. Zo hebben de Inuit uit Groenland bepaalde genen waardoor ze beter hun traditionele dieet kunnen verwerken. Uit weer een andere studie blijkt dat veel van ons een gen hebben dat FTO heet waardoor je meer kans hebt op obesitas. Gelukkig laat dezelfde studie zien dat een dieet en beweging het effect van het gen flink kan verminderen. Het zijn slechts enkele voorbeelden, maar de link tussen genen en voeding is er dus wel.

Buisje spuug

Nutrigenetica is het vakgebied dat hier onderzoek naar doet, en uiteindelijk is het doel om mensen voeding te kunnen geven op basis van hun genen. Maar dat dat het uiteindelijke doel is, houdt bedrijven als Habit, Arivale, DNAFit, Mijnlabtest, Analyse Me en nog vele anderen niet tegen om er nu al mee te beginnen. Voor een bepaald bedrag en een beetje spuug in een buisje krijg je een volledig gepersonaliseerd rapport met allerlei gezondheidsadviezen op basis van je genen. Alhoewel je DNA miljarden letters lang is, kijken dit soort bedrijven enkel naar een aantal letters. Tenslotte is 99.9% van de letters hetzelfde. Op basis van de variaties, SNP’s oftewel snips, geven ze gezondheidsadviezen.

Het klinkt best aantrekkelijk want het stapt af van die one-size-fits-all diëten, en je zou echt iets krijgen wat bij je past. Gegarandeerd resultaat zou je zeggen. Niet gek dat dus bijvoorbeeld topsporters er wel eens gebruik van maken, zoals Olympisch roeier Govert Viergever. Ook hebben voetbalclubs zoals PSV en Ajax het overwogen of zelfs echt geprobeerd, in het geval van Feyenoord. Wat meer heb je nog nodig?

Foto: UnsplashFoto: Unsplash

Wat we nog missen, is echt wetenschappelijk bewijs

De sales pitch klinkt goed, en er zijn sporters die het echt gebruiken, maar wat nog mist is wetenschappelijk bewijs. Zo zijn bijvoorbeeld niet alle snips bekend en kan dus niet alles worden meegenomen. Ook al zeggen bedrijven dat ze precies weten wat de snips doen en welke conclusies je eruit kunt trekken. Dat is dus niet zo. De snips zijn enkel geassocieerd met bepaalde ziektes. Nu wil het wel vaker, en ook in dit geval, dat onderzoeken elkaar tegenspreken. Of worden nieuwe associaties ontdekt waardoor andere conclusies getrokken worden. Het zal je misschien verbazen, maar je DNA is intens complex.

Christopher Gardner, een voedingsonderzoeker bij Stanford University, vertelt:

Ik denk niet dat we iemand gaan vinden met een genetisch profiel waaruit blijkt dat ze meer jellybeans moeten eten om gewicht te verliezen zonder dat ze het wisten.

Hoe gepersonaliseerd je dieetadvies ook zal zijn, het zal niet drastisch verschillen van wat we allemaal weten: meer groente, meer beweging, et cetera.

Foto: UnsplashFoto: Unsplash

Nou is er dus geen wetenschappelijk bewijs voor het feit dat een DNA-test je gaat helpen met gewicht verliezen, maar dat betekent niet dat je het meteen af moet doen als lariekoek. Ja, de bedrijven proberen je iets te verkopen wat waarschijnlijk niet het geld waard is. Maar ik kan ergere dingen bedenken om gezonder te gaan leven dan met een coach praten die je vertelt dat je van je luie reet af moet komen. Ze zullen je heus niks vertellen wat een gemiddelde voedingsdeskundige of diëtist je zal vertellen. Bovendien kun je de DNA-test gebruiken als een soort eigen onderzoekje. Kijk wat werkt en wat niet, en ga van daaruit verder en trek je eigen conclusies. Laat je keuzes vooral niet afhangen van één bron van informatie. Gardner vergelijkt het met een horoscoop: “Kies de delen die goed voelen, en vergeet de rest.”