Flickr/sgrace

De harde – maar vaak ook leuke – waarheid over samenwonen met je vriend(in)

Ik woon alweer anderhalf jaar samen met mijn vriend. Daan is mijn vriendje (van bijna twee meter haha), maar ook mijn beste vriend. Sinds ik met hem samenwoon, is elke dag een feestje. Dat betekent niet dat er naast leuke dingen, geen minder leuke dingen zitten aan het samenwonen. Want niemand is perfect. Dat weet jij ook als je met mij samenwoont en ik weer eens met de deur open zit te poepen.

Samenwonen samengevat is eigenlijk om de beurt ‘wat’ roepen, omdat iemand vanuit een andere kamer tegen je probeert te praten. Maar het is ook altijd iemand hebben waartegen je over je dag kunt zeuren. Dit is de harde – maar vaak ook leuke – waarheid over samenwonen:

1. Jullie (gaan) kibbelen

Grote kans dat jullie het allebei niet leuk vinden om het toilet schoon te maken. Grote kans dat jullie allebei de vuilniszak aandrukken tot hij ongeveer gaat overstromen. Je gaat om dit soort dingen kibbelen. Zo heb ik het probleem dat mijn vriend de rommel in huis niet lijkt te zien. Hij heeft weer het probleem dat ik elke ochtend mijn kledingkast leegtrek op de grond om de juiste outfit te vinden. Maar ja, als je het van de andere kant bekijkt: je hebt iemand in huis om de kutklusjes mee te delen. Als je brak op de bank ligt, is er iemand die je zover kunt krijgen (lees: omkopen) om een glas water voor je te halen. En als je iemand nog steeds leuk vindt nadat hij of zij voor de drie miljoenste keer een lege wc-rol heeft laten hangen, dan weet je dat het goed zit.

2. Er gebeuren dingen die je niet wilt

En daar bedoel ik scheten mee. Omdat je elkaar meer ziet zal je ook te maken krijgen met veel scheten. En jezus, wat kunnen die dingen stinken. Nee maar serieus, je leert elkaars meest onaantrekkelijke kant kennen.

Deze foto is basically een samenvatting van onze relatie.

A post shared by Tessa Ham (@tessahamham) on

3. Je moet alles delen

Je dekbed delen is een serieus probleem (zie nummer 1). Maar dat is niet het enige wat je moet delen. Wat dan? Je kunt beter vragen: wat niet. Die zak chips bijvoorbeeld. De chocoladereep die je eigenlijk zonder schaamte in je eentje wilde wegkanen. Eigenlijk vooral eten. Maar geloof me, dat is echt hels.

4. Je woont wel samen, maar soms zie je elkaar toch amper

Vroeger plande je samen dingen in, nu ga je er vanuit dat je hem of haar toch wel thuis ziet en plan je vrolijk drie kwart van de week vol. Om tot de conclusie te komen dat je betere helft ook drie kwart van zijn of haar week heeft ingepland en er dus geen enkel moment is waarop jullie alle twee vrij zijn. Dat gebeurt soms. Daarom proberen mijn vriend en ik bijvoorbeeld altijd de dinsdagavond vrij te houden. Lukt niet altijd, is ook niet erg, maar helpt wel. Grote bonus is trouwens dat je elkaar meestal toch wel weer in bed aantreft. Mijn favoriete moment van de dag.

5. Je moet dingen overleggen

Wat jullie vanavond gaan eten bijvoorbeeld. Als je mensen in je huis gaat uitnodigen, is het ook slim als de ander ervan weet. Anders zit jij toevallig met je moeder koffie te drinken als er een hele bups wijn drinkende vriendinnen binnenkomt. Of wanneer jullie weer eens naar je tante gaan. Dat soort dingen. Je kunt niet zomaar alles doen wat je wilt, of bijvoorbeeld een nacht niet thuis komen zonder dat je laat weten dat je op de bank van een vriend(in) crasht. De ander denkt dan misschien dat je dood ligt te gaan in de greppel.

Maar…

6. Je verveelt je nooit

Ik weet niet waarom, maar als je verliefd op iemand bent, is het gewoon nooit saai. Al lig je de hele dag in bed. Je hebt altijd iemand om tegenaan te lullen. Om pranks mee uit te halen. En altijd iemand om slechte crime-series mee te kijken, die allemaal op elkaar lijken en tegen te zeggen dat het echt dom is dat ze zonder back-up dat huis van de moordenaar ingaan.

7. Je hebt een persoonlijke cheerleader in huis

Eentje die je reality check kan zijn, maar je ook aanmoedigt. Iemand die op een belangrijke dag net zo vroeg opstaat als jij en koffie voor je zet, bijvoorbeeld. Of misschien ben ik nu gewoon aan het opscheppen. Als het goed is, heb je nu iemand in huis die je constant pusht. Maar juist ook tegenhoudt als je jezelf voorbij probeert te hollen. Hoogstwaarschijnlijk kent je samenwoonmens je beter dan jij jezelf kent.

8. Je hoeft niet meer je spullen de hele tijd heen en weer te slepen

Voordat je samen gaat wonen, slaap je waarschijnlijk al zo vaak met diegene dat je praktisch al bijna samenwoont. Supergezellig natuurlijk. Er is niets lekkerder dan wakker worden met hem of haar. Maar ja, dat betekent wel dat jullie je spullen de hele tijd heen en weer moeten slepen. Vooral voor de vrouwen hier, die ook een borstel, mascara en drie outfitopties (grappie natuurlijk) moeten meenemen. Nu staat al jullie shit gewoon in één huis.

9. Thuiskomen

Een avondje thuiskomen in een leeg, koud en donker huis is niet erg. Maar het is wel fijn om dat niet altijd te hebben. Als je niet in je eentje woont, vinden je moeder of je huisgenoot het natuurlijk ook leuk als je thuiskomt. Toch weet ik zeker dat je anders wordt begroet. 😉

10. Je haalt het beste in elkaar naar boven

Zo ben ik een stuk relaxter geworden sinds ik ben gaan samenwonen met Daan. Hij is zich dan weer een stuk beter gaan kleden sinds hij met mij samenwoont (ik gniffel terwijl ik dit typ). Waarschijnlijk word je aangestoken door de ander zijn beste eigenschap en andersom.

Bonusvoordeel: je kunt overal seks hebben zonder dat je bang hoeft te zijn dat iemand (je huisgenoten, je familie) je hoort.

Dan heb je dus nooit meer van die awkward gesprekken aan de eettafel waar je schoonzusje zegt dat ze je altijd zo hoort giechelen (nee hoor, ik giechel echt zo veel).

Ik heb weleens een artikel gelezen waar ze zeiden dat jij je niet meer zou kunnen laten gaan als je samenwoont. Dat is bullshit. Ik blèr gewoon nog mee met foute nummers terwijl ik in mijn onderbroek door het huis huppel. Hij spuit nog steeds slagroom in zijn mond uit de bus. Als je niet meer jezelf kunt zijn, woon je gewoon niet samen met de juiste persoon.


Dit artikel werd al 307 keer gedeeld.