Ik kan oneindig veel eten zonder aan te komen

Ik heb non-stop trek en kan heel, echt héél veel eten. Bergen, zo hoog als de Rocky Mountains. Ja, monden vallen er af en toe van open. Het allermooiste aan dit opmerkelijke feitje over mezelf komt nu: aankomen doe ik niet. Gewoon. Niet. De vijftig kilo aantikken lukt me nét.

Terwijl mijn vriendinnen al in januari keihard trainen en werken aan een überstrakke summerbody, zit ik gewoon op de bank. Mijn summerbody is er al, dus waarom zou ik moeite doen? Ik verorber liever nog een warm croissantje. Of twee, of tien – kan best. Oké, of ik het een échte summerbody (inclusief intense sixpack en superstrakke bikinibillen) mag noemen laat ik overigens in het midden, maar ik ben tevreden. Mijn buik? Mooi genoeg. Blubbervetjes? Niet te bekennen. In de omgekeerde wereld waarin ík leef hoop ik stiekem dat ik er deze zomer wél eens wat van krijg, van dat ‘blubber’. En als ik mag kiezen, doe dan maar wat vrouwelijk blubber: meer heup, wat vollere billen. Dat lijkt me mooier dan dat hoekige lichaam en veel comfortabeler dan die harde bottenbillen waar ik de hele dag op moet zitten. Au.

Erin en eruit

Gezien de hoeveelheden die ik dagelijks naar binnen prop zou je zeggen dat dat geen probleem moet zijn. Dat die paar kilo’s zo, floep, aan mijn billen en heupen zitten. En dat mijn gezicht er rond van wordt. Echt niet, dus. Ik kan eten wat ik wil, zoveel als ik wil, wanneer ik maar wil, maar er gebeurt niets. Geen grammetje komt erbij. Geen zorgen, volgens mijn huisarts: het is niets meer dan een supersnelle spijsvertering – het is echt erin en eruit, zeg maar. En buiten die bottenbillen mag ik echt niet klagen, hoor. Want hallo, dat leeft best wel heel erg lekker. 

Oh ja? 

Echt wel. Ik som het even voor je op. Te beginnen bij weegschaalstress: dat heb ik nooit. Ik heb niet eens zo’n ding. Simpelweg omdat ik allang weet hoeveel ik weeg en ook best wel weet dat dat gewicht altijd ongeveer hetzelfde blijft. Ook als ik drie weken lang niet sport, vanaf nu iedere dag een dikke pizza bestel of er alleen nog maar cola uit de kraan zou komen. En komt er wel een kilo bij? Yes, please! 

Struggles met diëten heb ik ook niet. Calorieën tellen? Letten op suikers? Koolhydraatarm eten? Afvallen door alleen nog maar smoothies te drinken? Daar doe ik niet aan, het is een typisch gevalletje ver-van-mijn-bed-show. Nee, het zou niet eens gezónd zijn om af te gaan vallen. Ben ik even blij, want een aantal vriendinnen heb ik door een complete nachtmerrie zien gaan tijdens het het kwijtraken van hun kilo’s. Bij alles wat je eet moeten rekenen en denken, alleen nog maar water drinken of – nog erger – jezelf compleet uithongeren? Doe. Even. Normaal. Nee, dat soort dingen zijn niet aan mij besteed. Ik wil (oké fine, en kán) lekker genieten als ik achteloos mijn lievelingseten naar binnen werk. Onbeperkt pannenkoeken eten. En slagroom in mijn mond spuiten. Alle toetjes de supermarkt kopen waarvan ik denk “mmm, lekker, hebben”. En sowieso gewoon zonder gêne de Ap leegkopen. Hoera voor die snelle spijsvertering. Eeuwige dank.

‘Jouw tijd komt nog wel’

Sorry, wát? Willen de mensen die dit soort dingen zeggen alsjeblieft forever hun mond houden? Ik denk namelijk echt niet dat het zo werkt. Die übersnelle spijsvertering, waarom zou die het ineens af laten weten als ik ouder wordt? Oké, misschien is dat stiekem vooral wat ik hoop, dat-ie me niet in de steek laat. Maar ik hou het mezelf lekker voor, want het idee dat ik een kind uitpoep (de meesten zeggen dat het na je zwangerschap plotseling allemaal verandert) en dan niet meer kan eten wat ik wil maakt me stiekem diep ongelukkig. 

Ik eet lekker door

En maak af en toe mensen met onvrijwillig gekozen salades jaloers als ik een kroket pak in de kantine op het werk. Of nóg een pizzapunt naar binnen schuif. Of de dikste friet speciaal ooit bestel. En voor wie nu zucht: “doe alsjeblieft normaal”, dat doe ik echt wel. Skinny fat? (Dan ben je aan de buitenkant dun, maar van binnen eigenlijk (te) dik). Ik heb misschien eens overdreven en daardoor mijn periodes gekend, ja. Misschien wel. Maar nu niet meer. Dat mijn lichaam zo supersnel verteert wil niet zeggen dat het alle ongezonde klappen dan maar moet vangen. Maar juíst dat ik er ook zuinig op moet zijn.